Bruggen op het droge

Twentekanaal

De bruggen over het Twentekanaal waren er eerder dan het kanaal zelf. Ze werden op het land gebouwd en het water werd er pas later onderuit gegraven.

Het Twentekanaal is aangelegd ter ontsluiting van Twente als belangrijk industriegebied. Het vormt een verbindingsschakel tussen Almelo, Enschede en de IJssel. Bovendien heeft het kanaal een functie bij het op peil houden van het water. Meestal voert het overtollig water af uit de Berkel en andere rivieren en beken. Een enkele maal is het bij grote droogte nodig water van de IJssel in te laten.

Met de hand

Bij Wet van 4 november 1919 ''betreffende den aanleg van Scheepvaartkanalen naar Twenthe'' werd besloten tot het graven van kanalen tussen Twente en de rivieren Rijn en IJssel. Het beoogde Twenthe-Rijnkanaal, tussen Almen en Lobith, is echter nooit aangelegd. Het huidige Twentekanaal kwam wel tot stand in de jaren 1930-1936 en werd deels met de hand gegraven in het kader van de toenmalige werkverschaffing.

Eefde

Het begin werd gemaakt op 12 maart 1930, toen de eerste grond werd verplaatst bij Fort de Pol in Eefde. In de periode 1931-1933 werden het sluizencomplex en het gemaal bij Eefde aangelegd, ontwerp van architect D. Roosenburg. De al vroeg gereed gekomen brug bij Almen was nog lang een vreemd element in het nog droge landschap en vormde een uitje voor de Almenaren.

Tot Lochem

Op 1 juli 1933 werd het sluizencomplex geopend. De plechtigheid bleef sober in de heersende crisistijd. Er kon nog niet worden geschut, maar de jongste verslaggever van de Zutphensche Courant kwam met een vriend per kano de sluis binnen. In december 1933 was het kanaal beschikbaar voor de scheepvaart tot aan de los- en laadplaats van de gemeente Lochem. Maar niet echt, want er lag een dikke ijsvloer. Vooral de schaatsliefhebbers hadden daar geen probleem mee. Op 13 april 1934 werd Goor bereikbaar en op 6 mei 1936 Enschede. De officiële opening werd verricht door koningin Wilhelmina.

Opgeblazen

Aan het einde van de Tweede Wereldoorlog vormde het Twentekanaal nog een lastig obstakel. Omdat de bruggen waren opgeblazen, voeren er nog vele jaren pontjes. In Almen heette de weg daarheen dan ook in de volksmond 'Pontweg'.

Pleziervaart

In de moderne tijd heeft ook de pleziervaart de voordelen van het kanaal ontdekt. Bij de boogbrug bij Almen en de stationsbrug in Lochem zijn daarvoor passantenhavens ingericht.

Meer informatie: 

Rechten

Wout Klein 2021, CC-BY-NC-SA