Spinoza 1632-1677

Op zoek naar de waarheid

Lees voor...

Spinoza is de beroemdste filosoof van Nederland: hij behoort tot die kleine groep filosofen die gezichtsbepalend zijn voor de geschiedenis van het westerse denken.
Benedictus de Spinoza werd in 1632 in Amsterdam geboren als Baruch d’Espinoza, zoon van uit Portugal gevluchte joodse ouders. Hij overleed in 1677 in Den Haag aan een longziekte. Om de kost te verdienen – Spinoza leefde overigens vrij sober – sleep hij brillenglazen en lenzen voor microscopen, en waarschijnlijk is zijn ziekte verergerd door het stof dat hij daarbij had ingeademd.

De roepnaam van Spinoza was Bento, wat in het Portugees hetzelfde betekent als Baruch (Hebreeuws) en Benedictus (Latijn), namelijk ‘de gezegende’. Hij leerde Nederlands, Portugees, Spaans, Hebreeuws en schreef later in het Latijn. Na zijn religieuze opvoeding kwam hij in 1656 in conflict met de Amsterdamse joodse gemeenschap. Vermoedelijk niet eens omdat hij kritisch stond tegenover het orthodoxe geloof, maar vooral omdat hij zich uiterlijk niet wilde schikken naar de strenge vereisten en voorschriften.

Hoewel de Republiek in vergelijking met omringende landen tolerant was en lankmoedig omging met kritische denkbeelden, moest Spinoza toch voorzichtig zijn. Veel werk publiceerde hij niet, of onder een schuilnaam. Zijn hoofdwerk, de Ethica, werd pas na zijn dood uitgegeven.

In het rampjaar 1672 werd de sfeer grimmiger en werden de gebroeders De Witt gelyncht door een Oranjegezinde menigte, zonder dat de autoriteiten daartegen optraden. Het schokte Spinoza zo diep dat hij een plakkaat naar de plek wilde brengen met de tekst ‘ultimi barbarorum’ (‘ergste barbaren’). Zijn huisbaas en vriend hield hem tegen en redde zo misschien wel zijn leven.

In zijn boek Tractatus theologico-politicus gaf Spinoza een aanzet tot een vrijzinnige uitleg van de bijbel en in de Tractatus politicus sprak hij zich uit voor de democratie en wees hij op het grote belang van vrijheid van meningsuiting.

De Ethica (voluit Ethica Ordine Geometrico Demonstrata, dat is "op wiskundige wijze uiteengezet"), Spinoza’s meesterwerk, moest de mensen leren hoe ze verlichting van hun lijden konden vinden. Het was geen filosofie omwille van de filosofie, het boek had een praktisch doel. De mens moest leren inzien dat God niet buiten de schepping staat, maar dat alles wat bestaat – en dus ook de mens zelf – een verschijning is van God. Om tot dit heldere bewustzijn te komen was het van groot belang onafhankelijk te zijn en vrij van hevige aanvechtingen. Spinoza gedroeg zich er zelf ook naar: hij argumenteerde altijd kalm, overwogen en redelijk. Hij liet zich niet provoceren.
De Ethica lijkt te zijn opgezet als een meetkundig systeem. Spinoza maakt gebruik van definities, axioma’s en stellingen: zo probeert hij in roerige tijden de zaken objectief te benaderen. Door de geschiedenis heen hebben veel lezers zich erover beklaagd dat het boek daardoor zo moeilijk te lezen is. Maar dan heeft Spinoza toch het laatste woord, want de laatste zin van zijn Ethica luidt: ‘Alles wat voortreffelijk is, is even moeilijk als zeldzaam.’


  • ca. 3000 voor Christus Hunebedden Vroege landbouwers  
  • 47-ca. 400 De Romeinse Limes Op de grens van de Romeinse wereld  
  • 658-739 Willibrord Verbreiding van het christendom  
  • 742-814 Karel de Grote Keizer van het Avondland  
  • ca. 1100 Hebban olla vogala Het Nederlands op schrift  
  • 1254-1296 Floris V Een Hollandse graaf en ontevreden edelen  
  • 1356-ca. 1450 De Hanze Handelssteden in de Lage Landen  
  • 1469?-1536 Erasmus Een internationaal humanist  
  • 1500-1558 Karel V De Nederlanden als bestuurlijke eenheid  
  • 1566 De Beeldenstorm Godsdienststrijd  
  • 1533-1584 Willem van Oranje Van rebelse edelman tot ‘vader des vaderlands’  
  • 1588-1795 De Republiek Een staatkundig unicum  
  • 1602-1799 De Verenigde Oostindische Compagnie Overzeese expansie  
  • 1612 De Beemster Nederland en het water  
  • 1613-1662 De grachtengordel Stadsuitbreidingen in de zeventiende eeuw  
  • 1583-1645 Hugo de Groot Pionier van het moderne volkenrecht  
  • 1637 De Statenbijbel Het boek der boeken  
  • 1606?-1669 Rembrandt De grote schilders  
  • 1662 De Atlas Major van Blaeu De wereld in kaart  
  • 1607-1676 Michiel de Ruyter Zeehelden en de brede armslag van de Republiek  
  • 1629-1695 Christiaan Huygens Wetenschap in de Gouden Eeuw  
  • 1632-1677 Spinoza Op zoek naar de waarheid  
  • ca. 1637-1863 Slavernij Mensenhandel en gedwongen arbeid in de Nieuwe Wereld  
  • 17e en 18e eeuw Buitenhuizen Rijk wonen buiten de stad  
  • 1744-1828 Eise Eisinga De Verlichting in Nederland  
  • 1780-1795 De patriotten Crisis in de Republiek  
  • 1769-1821 Napoleon Bonaparte De Franse tijd  
  • 1772-1843 Koning Willem I Het koninkrijk van Nederland en België  
  • 1839 De eerste spoorlijn De versnelling  
  • 1848 De Grondwet De belangrijkste wet van een staat  
  • 1860 Max Havelaar Aanklacht tegen wantoestanden in Indië  
  • 19e eeuw Verzet tegen kinderarbeid De werkplaats uit, de school in  
  • 1853-1890 Vincent van Gogh De moderne kunstenaar  
  • 1854-1929 Aletta Jacobs Vrouwenemancipatie  
  • 1914-1918 De Eerste Wereldoorlog Oorlog en neutraliteit  
  • 1917-1931 De Stijl Revolutie in vormgeving  
  • 1929-1940 De crisisjaren Samenleving in depressie  
  • 1940-1945 De Tweede Wereldoorlog Bezetting en bevrijding  
  • 1929-1945 Anne Frank Jodenvervolging  
  • 1945-1949 Indonesië Een kolonie vecht zich vrij  
  • 1886-1988 Willem Drees De verzorgingsstaat  
  • 1 februari 1953 De watersnood De dreiging van het water  
  • vanaf 1948 De televisie De doorbraak van een massamedium  
  • vanaf ca. 1880 Haven van Rotterdam Poort naar de wereld  
  • 1911-1995 Annie M.G. Schmidt Tegendraads in een burgerlijk land  
  • vanaf 1945 Suriname en de Nederlandse Antillen Dekolonisatie van de West  
  • 1995 Srebrenica De dilemma’s van vredeshandhaving  
  • vanaf 1945 Veelkleurig Nederland De multiculturele maatschappij  
  • 1959-2030? De gasbel Een eindige schat  
  • vanaf 1945 Europa Nederlanders en Europeanen  
officiële versie