Gilden en Schutterijen

Na de stadsverheffing werd in Huissen in de 14e of 15e eeuw het Sint Jorisgilde opgericht. Later in de 15e eeuw ontstond hier ook het Sint Antoniusgilde.

Verdediging

In de 16e eeuw was een hand- en voetbooggilde niet meer zo noodzakelijk vanwege de opkomst van vuurwapens en het feit dat de verdediging van de steden steeds meer werd overgelaten aan betaalde troepen. In het jaar 1536 fuseerden beide gilden tot het Sint Gangulphusgilde. Nadat in 1609 Hertog Johan Willem IV van Kleef zonder erfgenaam stierf kwam door rechtsopvolging Huissen onder bestuur van Brandenburg. Dit bestuur had legers nodig en zo werden ook Huissenaren gerekruteerd. Onder de Keurvorst Friedrich Wilhelm van Brandenburg werd in 1661, als dank voor bewezen militaire diensten, het Sint Laurentiusgilde opgericht, als "jong gesellen schutten compagnie".

Schuttersgilden

Beide Stadsgilden krijgen vanaf de 19e eeuw een ceremoniële taak om de eenheid van de bevol­king in burgerlijk en kerkelijk opzicht te be­vorderen. Op 14 mei 1889 komen beide Gilden onder één bestuur. Zij vormen nu de enige nog bestaande stadsgilden in Gelderland en zijn in het bezit van vele waardevolle cultuurschatten. Vanaf 1986 zijn beide Gilden koninklijk erkend. Hoewel de oprichtingsdatum niet bekend is, wordt er van uitgegaan dat in 1499 in Gendt het Schuttersgilde Sint Sebastiaan is opgericht. In 1791 wordt in Doornenburg een Schuttersvereniging opgericht, die nu Gijsbrecht van Aemstel heet en in de twintigste eeuw ontstaat in Angeren het Schuttersgilde St. Bavo.