Met de muziek mee

‘Lang Leve Prinses Wilhelmina, hiep, hiep hoera! Iedereen juicht en de fanfare uit Heumen speelt een vrolijke mars. Het is 31 augustus 1898. Prinses Wilhelmina wordt achttien jaar en overal in Nederland viert men feest. Enkelen kijken minder vrolijk. Ze balen ervan dat Groesbeek geen eigen fanfare heeft. Terwijl ze luisteren naar de Heumense fanfare besluiten ze dat er een eigen fanfare moet komen.

Groesbeeks fanfarecorps

Precies een week later op 6 september wordt Wilhelmina ingehuldigd als koningin. Weer is er feest en bij wijze van grap loopt een 'Groesbeeks fanfarecorps' in de optocht mee. Luid toeterend met papieren toeters en mutsen. Twee maanden later is de oprichting een feit. Een naam kiezen is niet moeilijk: Fanfare 'Wilhelmina'. In Kranenburg kopen de beginnende muzikanten tweedehands instrumenten. Meteen wordt er gerepeteerd. Eén couplet spelen lukt. De laatste trein is net vertrokken, dus gaat het lopend en blazend terug naar het dorp. Na enkele repetities kennen ze een hele mars. Trots trekt de fanfare voor het eerst door het dorp. Een toehoorder zegt: 'Potdomme, wa blaoze die kèls'.

Muziekgezelschappen in Groesbeek

Sindsdien is muziek uit Groesbeek niet meer weg te denken. Andere muziekgezelschappen volgen: koren, tamboercorpsen, Harmonie Edelweisz en Fanfare 'Jubilate Deo'. Na 1960 verschijnen er allerlei bandjes, hofkapellen en dweilorkesten op het podium. Groesbeek is een dorp waar muziek in zit!

 

Bronnen en verder lezen:

  • Toon Bosch en Sjef Schmiermann, De edele kunst der hoornmuziek. Fanfare Wilhelmina 1898 –1998 (Groesbeek 1998).
  • G.G.Driessen en A. Bosch (red.), Groesbeek. Beeld van een dorp (Nijmegen/Groesbeek 1993), p. 89 – 93.

 

Rechten

Vereniging Heemkundekring Groesbeek, CC-BY-NC