Germanen aan de Limes

Ede vol erven

Ten noorden van de grens van het Romeinse Rijk (limes) ontwikkelde zich in de eerste eeuwen na Chr. een aantal grote, bloeiende nederzettingen. Archeologische vondsten in Ede en Bennekom laten zien dat de Germaanse inwoners van het gebied welvarend waren. Misschien wel rijker dan de mensen in het veel dunner bevolkte gebied aan de overkant van de Rijn, in het Romeinse Rijk.

Megaboerderijen

De boerderijen in Ede in de Romeinse tijd waren enorm, soms wel zestig meter lang. In de boerderijen woonden de mensen en werden de huisdieren en het vee gestald. De boerderijen hadden een typisch Edese bouwstijl en stonden op omheinde erven in groepjes bij elkaar. In het midden van de vierde eeuw telde een van de nederzettingen - het dorpje Veldhuizen - tien of elf van dit soort erven. Dat was voor de laat-Romeinse tijd een ongekend groot aantal. We weten dit dankzij grote archeologische opgravingen bij de Kastelenlaan in Veldhuizen, de Verlengde Parkweg/Maanderbuurtweg in Maanen, Op den Berg in Ede en de Hof van Sint Pieter in Bennekom. Bij die opgravingen kwamen de restanten van ongeveer honderdvijftig boerderijen, tweehonderd schuurtjes, honderd waterputten en vele duizenden vondsten uit de Romeinse tijd aan het licht.

Germaanse hoofdman

In 2011 is aan de Doornlaan in Ede een grafveld opgegraven uit de derde/vierde eeuw. Hierin waren enkele tientallen mannen, vrouwen en kinderen begraven. De mensen werden ter plekke op brandstapels gecremeerd, voordat ze met bijgaven - zoals sieraden of potten - werden begraven. Bijzonder is een graf waarin de resten van een man in een schildknop (umbo) zijn begraven. De man was tussen de twintig en dertig jaar oud. Deze manier van begraven kenden we eerder niet in Nederland. Misschien was de man wel een belangrijke Germaanse strijder.

Romeinse beeldjes

Aan de Hof van Sint Pieter in Bennekom werd in 1970 bij het bouwrijp maken van een stuk grond een bijzonder beeldje gevonden. Het was een beeldje van de Romeinse godin Fortuna. Het kapsel en de kleding van het vrouwenbeeldje wijzen erop dat het uit de eerste helft van de eerste eeuw komt. Vergelijkbare bronzen godenbeeldjes werden opgegraven tijdens de opgraving aan de Kastelenlaan in Veldhuizen. De Germanen hebben de beeldjes gekregen door handel of rooftochten in het Romeinse Rijk. Een kopie van het beeldje van Fortuna staat in het Kijk en Luistermuseum in Bennekom.

 

Verder lezen:

Romein, Maty. Opgedolven Ede. Door archeologen in de bodem ontdekt. (Gemeentearchief Ede, 2007). Historische Cahiers, nr. 8. 108 blz. ISBN 9789080125797.