Doetinchemse gasfabriek

Van stadsgas naar aardgas

Oudere Doetinchemmers kunnen zich ongetwijfeld nog de gemeentelijke gasfabriek herinneren waar een eeuw lang het 'stadsgas' werd gemaakt. Dat gebeurde door middel van een destillatieproces waarbij steenkool in een afgesloten ruimte werd verhit tot temperaturen van 1000-1300 °C. De koolstofstructuur van steenkool viel daardoor uiteen in talrijke gasvormige verbindingen. Daarnaast kwam ook steeds een waterige en een olieachtige stof vrij, het gaswater en de teer. Bovendien bleef een vaste stof achter, de cokes.

Het stukje straat dat vanaf de kruising met de Waterstraat en de C. Missetstraat naar de Europaweg loopt heet Gaswal en vormt de laatste zichtbare herinnering aan de gasfabriek van Doetinchem die daar in de buurt stond. De fabriek werd gesticht in 1863 en heeft gefunctioneerd tot na de Tweede Wereldoorlog.

Pieterson-schandaal

In 1927 was de Doetinchemse gasfabriek, of liever de toenmalige gasdirecteur G. Pieterson, het middelpunt van een corruptieschandaal. Een door de gemeenteraad ingestelde onderzoekscommissie verhoorde de directeur uitgebreid over zijn privé-financiën. Uiteindelijk werd hij door de gemeenteraad oneervol ontslagen, wat weer leidde tot een conflict tussen de raad en het college van B. en W. Uiteindelijk kwam de zaak bij het gerechtshof in Arnhem terecht dat concludeerde dat het overtuigende bewijs van corruptie niet was geleverd. Pieterson en andere betrokkenen werden in hun functies gehandhaafd, maar de twijfel over hun integriteit is nooit helemaal weggenomen.

Aardgas

Een halve eeuw geleden werd de gasbel van Slochteren aangeboord en even later had het goedkope en veiliger aardgas al het stadsgas overbodig gemaakt. Ook in Doetinchem werd de gasproductie gestaakt en het gemeentelijk gasbedrijf werd omgeturnd in een distributiebedrijf. De prominent aanwezige gashouder met daarop de tekst 'Kookt op gas' werd overbodig evenals de transportbaan voor kolen. In 1974 werden de laatste overblijfselen van het fabriekscomplex gesloopt.

Gamog

Uiteindelijk kwam er ook een einde aan de betrokkenheid van de gemeente bij de gasexploitatie. Omstreeks 1980 verordonneerde de landelijke overheid dat lokale distributiebedrijven met minder dan 75.000 aansluitingen op het gasnet moesten opgaan in grotere bedrijven. Het Doetinchemse gasbedrijf had op dat moment 15.000 aansluitingen. Zo kwam uiteindelijk de gasexploitatie van Doetinchem in handen van de Gamog die er de gemeente een mooie prijs voor betaalde.

 

Rechten

Canoncommissie Doetinchem, 2012, CC-BY