Nederland is altijd een belangrijk handelsland geweest. De Rotterdamse haven is zelfs de belangrijkste haven van Europa. Vanuit de haven van Rotterdam worden spullen naar andere landen vervoerd.
Rotterdam ligt vlak bij de Noordzee. Veel grote rivieren komen daar bij elkaar. Zoals de Rotte en de Nieuwe Maas. Rond 1250 werd in de rivier de Rotte een dam gemaakt om te voorkomen dat het riviertje te zout werd door zeewater. Bij de dam werden spullen overgeladen. Van kleine bootjes naar grote zeeschepen. Dit was het begin van de haven van Rotterdam.
Pas in 16e eeuw werd Rotterdam een belangrijke vissershaven. Later voeren schepen vanuit Rotterdam naar de koloniën van Nederland. Maar Amsterdam was toen een belangrijkere haven, daar woonden ook de meeste kooplieden.
Dit veranderde in de 19e eeuw. Bij Hoek van Holland werd eerst een gat gemaakt in de duinen. Daarna werd er een verbinding gegraven tussen de zee en de haven: de Nieuwe Waterweg. Deze doorgang was dieper. Zo konden ook grote zeeschepen makkelijk naar de Rotterdamse haven varen.
In de haven werden ook nieuwe havenbekkens gemaakt. Havenbekkens zijn plaatsen waar boten kunnen aanleggen. Met grote hijskranen werden spullen makkelijk in of uit de boten getild.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de haven van Rotterdam kapotgemaakt. Een groot deel werd door bommen verwoest. Na de oorlog werd de haven snel weer opgebouwd. Want de haven was belangrijk voor de handel.
Na de oorlog wordt de haven van Rotterdam alleen maar groter. De Eemhaven en de Botlek kwamen erbij. En de Europoort en de Maasvlakte. Er is ook een speciale spoorlijn gemaakt. Om per trein snel spullen te vervoeren tussen Rotterdam en Duitsland. Door deze groei blijft Rotterdam een belangrijke haven.