NIEUW! Maak in een handomdraai je eigen Canon.

Over Mijn Canon

De spreekwoorden van Erasmus

Actuele wijsheid uit de klassieke Oudheid

Erasmus

Leerdoelen

  • De leerling kan minstens drie spreekwoorden noemen die door Erasmus verzameld zijn.
  • De leerling kan een van de drie keuzeopdrachten uitvoeren: spreekwoorden uitbeelden, creatief schrijven of spreekwoorden in een schilderij herkennen.

Benodigde voorkennis

-

Randvoorwaarden

-

Beoordeling

-

Lesactiviteiten

Activiteit 1: introduceer de les over spreekwoorden
Vraag aan de leerlingen wie niet weet wat de middelvinger opsteken betekent. Waarschijnlijk steekt niemand zijn hand op. Laat de leerlingen schatten hoe oud dit gebaar is. Vertel dat het opsteken van de middelvinger al in de klassieke Oudheid werd gebruikt met exact dezelfde betekenis. Benoem de relatie tussen Erasmus, de klassieke Oudheid en spreekwoorden uit. Verwijs naar zijn werk Adagia.

Activiteit 2: behandel nog enkele spreekwoorden
Bespreek enkele andere spreekwoorden die door Erasmus zijn verzameld. Bij Achtergrondinformatie voor de docent vindt u voorbeelden, zoals:

  • Een doelwit zijn voor de vinger
  • Slechte gewoonten leveren goede wetten op
  • De buik heeft geen oren

Vraag kort wat deze spreekwoorden vermoedelijk betekenen. Het gaat niet om het precieze antwoord.

Activiteit 3: drie keuzeopdrachten
Laat de leerlingen kiezen uit de drie opdrachten:

  • Opdracht A: Beeld een spreekwoord uit
    Geef de leerlingen dertien Nederlandse spreekwoorden (werkblad 1). Om de beurt beeldt een leerling een spreekwoord uit. De anderen raden het spreekwoord.
  • Opdracht B: Creatief schrijven
    Geef de leerlingen dertien Nederlandse spreekwoorden (werkblad 1). De leerling kiest één spreekwoord en schrijft een kort verhaal naar aanleiding van dit spreekwoord.
  • Opdracht C: Spreekwoorden op een schilderij van Bruegel
    Op een schilderij van Pieter Bruegel de Oude zijn meer dan honderd spreekwoorden te zien. Deze spreekwoorden kunnen naar inhoud opgesplitst worden in twee groepen.
    De eerste groep illustreert de dwaasheid en de zinloosheid van de menselijke handelingen. Het symbool ervan is de omgekeerde wereld: de wereldbol aan het huis links op de voorgrond. Het laat het tegendeel zien van wat het zou moeten zijn.
    De tweede groep heeft bedrog en huichelarij als onderwerp, gesymboliseerd door de vrouw die in het midden van het schilderij haar man een blauwe mantel omhangt. Dat betekent dat ze haar man bedriegt.
    Geef aan elk tweetal een kleurenkopie van het schilderij. U kunt het schilderij ook projecteren of via internet laten bekijken op http://upload.wikimedia.org/wikipedia/commons/c/c2/Pieter_Bruegel_d._%C3%84._061.jpg.
    Deel ook een zwartwitte afbeelding uit waarop de afgebeelde spreekwoorden zijn genummerd (werkblad 2).

Bijlagen

  • Achtergrondinformatie voor de docent
  • Werkblad 1: Dertien Nederlandse spreekwoorden
  • Werkblad 2: Schilderij van Bruegel (deel 1 en 2)
  • Antwoorden bij werkblad 1 en 2

Link naar de les

Download de complete les: 07_PO_Erasmusspreekwoorden_SLO.pdf