NEW! Create your own Canon in an instant.

About My Canon

Vensterplaat Televisie

  1. Het begin van televisie in Nederland

    Op 2 oktober 1951 is de eerste officiële televisieaflevering in Nederland te zien. De uitzending is groot nieuws. De volgende dag staat in een van de kranten: "Gisteren keken we naar een toverspiegel, die televisie heet en die net als in sprookjes zo duur is dat je voorlopig een prins of prinses moet zijn om er één te kunnen kopen…"

    Al in 1948 begint de Philipsfabriek uit Eindhoven met het maken en uitzenden van televisieprogramma's. Philips is het eerste Nederlandse bedrijf dat televisies maakt en wil ze graag verkopen, het liefst in heel Europa. Maar mensen kopen natuurlijk alleen een televisie als er ook iets op te zien is!

    De programma's van Philips kun je dan nog alleen in de buurt van Eindhoven zien. In 1951 nemen de radio-omroepen de televisie-experimenten over. Met steun van Philips komen er ook uitzendingen voor het westen van het land. Daar wonen namelijk nog veel meer mensen die een televisie kunnen kopen. Vanaf dat moment zijn de uitzendingen in een groot deel van Nederland te zien.

  2. De eerste televisie

    Dit is een van de eerste televisies: een grote houten doos met een klein beeldscherm. Wat een verschil met de grote, platte televisies van tegenwoordig! De eerste televisies hebben alleen zwart/wit-beeld. En er hoort geen afstandsbediening bij. Toch zijn mensen dolenthousiast: ze kunnen nu thuis bewegende beelden van over de hele wereld zien.

    Rond 1950 worden in Nederland de eerste televisies verkocht. Nog maar weinig mensen hebben zo'n gloednieuw apparaat in huis: in heel Nederland zijn dan ongeveer 500 televisies. Voor de meeste mensen is het nog te duur. De radio blijft het meest populair.

    Omdat mensen toch graag TV willen kijken, gaan ze graag op bezoek bij mensen die wel een televisie hebben. Of ze staan uren te kijken voor een etalage met daarin een televisie waarop een voetbalwedstrijd te zien is.

    Maar het aantal TV's neemt snel toe. In 1961 zijn er al een miljoen televisies in Nederland en in 1970 heeft bijna elk gezin er een.

    Tegenwoordig is het niet meer zo dat in elk huis 'maar' één tv staat. Je kunt ze overal tegenkomen: in de woonkamer, in de slaapkamer en sommigen hebben hem zelfs in de badkamer of in de keuken. In Nederland hebben we nu zo'n dertien miljoen televisies.

  3. Samen kijken

    Rond 1950 verkoopt het bedrijf Philips in Nederland de eerste televisies. Veel mensen zijn bang dat de televisie het einde is van het 'gezellige' gezin. Philips probeert in zijn reclames te laten zien dat het thuis juist gezelliger wordt als je allemaal samen naar de televisie kijkt. De indeling van de huiskamers verandert in elk geval wel door de tv!

    Het leven verandert door de komst van de televisie. Vroeger was de eettafel het midden van de huiskamer. Daarop speelden mensen 's avonds vaak spelletjes. Met de komst van de televisie gaat de eettafel naar een hoek van de kamer, en komt de televisie op de belangrijkste plek te staan: Iedereen moet vanaf de bank of een stoel de tv kunnen zien.

    Sommige mensen hebben kritiek op de televisie. Zij vinden dat de televisie je suf maakt. In plaats van zelf iets te doen, hang je maar voor de tv. Vooral op jongeren kan de televisie een slechte invloed hebben, vinden ze.

    Voorstanders zeggen juist dat de televisie het gezin nog gezelliger maakt. Ze vinden het ook goed dat je er zoveel van leert. Want op tv wordt over van alles gepraat en daardoor kun je beter je mening vormen.

    En wat vind jij?

  4. Het journaal

    Op 5 januari 1956 wordt er voor de eerste keer het NTS (nu NOS) journaal uitgezonden op de Nederlandse televisie. In het begin worden er maar drie journaals per week uitgezonden. Dat worden er steeds meer. Nu zendt de NOS meerdere journaals per dag uit. Speciaal voor kinderen is er twee keer per dag het NOS Jeugdjournaal. Kijk jij ook?

  5. Verschillende zenders

    Tegenwoordig kun je 24 uur per dag, 7 dagen per week televisie kijken. Er zijn wel 35 verschillende kanalen. Maar in de begintijd was er maar één kanaal. Daarop werden maar een paar uur per dag uitgezonden. Iedereen met een televisie zag dezelfde programma's! Dat veranderde pas toen in 1964 Nederland 2 en in 1988 Nederland 3 erbij kwamen.

    Nederland 1, 2 en 3 zijn 'publieke zenders'. Een publieke zender krijgt geld van de overheid om programma's te maken. Dat geld komt uit belastingen, betaald door de Nederlanders.

    Naast publieke zenders zijn er ook commerciële. Commerciële zenders krijgen géén geld van de overheid. Ze moeten voor hun eigen geld zorgen. Daarom zenden ze veel reclame uit. Van het geld dat ze hiermee verdienen kunnen ze hun programma's maken. Voorbeelden van commerciële zenders in Nederland zijn RTL4 en SBS6.

    Tegenwoordig ziet niet meer iedereen hetzelfde programma op hetzelfde moment. Je kunt nu zelf beslissen wanneer je een programma bekijkt, want je kunt programma's opnemen of op internet terugkijken.

  6. Televisie voor kinderen

    In de jaren vijftig van de vorige eeuw zijn er niet veel kinderprogramma's op de televisie. Dat verandert langzaam maar zeker als in de jaren '60 televisie steeds belangrijker wordt. Er komen meer zenders en meer kinderprogramma's. De Fabeltjeskrant, met meneer de Uil, is daar een bekend voorbeeld van. Welk programma is jouw favoriet?

  7. Loeki de Leeuw

    Op 2 januari 1967 is er voor het eerst een reclamespot op de Nederlandse televisie te zien. Reclames worden uitgezonden door de STER. Tussen 1972 en 2004 was er tussen de STER-reclamespots door telkens een grappig filmpje van Loeki de Leeuw zien. Misschien ken jij hem wel van de Gouden Loeki. Dat is de prijs voor de beste tv-reclame.

  8. Computer

    Dit is een van de eerste computers voor thuisgebruik. Hij werd gemaakt in 1977. Na de televisie betekent de computer de volgende 'informatierevolutie'. Tegenwoordig kun je met de computer, internet en je mobiele telefoon of tablet supersnel informatie ontvangen en versturen. Overal en altijd! De wereld lijkt zo steeds kleiner te worden.

  9. Sociale media

    Ken je dit vogeltje? Het is het logo van Twitter. Twitter, Hyves en Facebook zijn voorbeelden van sociale media. Via sociale media kun je met je vrienden 'chatten', en foto's en filmpjes uitwisselen. Maak jij gebruik van sociale media?

    Je moet wel voorzichtig zijn als je een profiel aanmaakt en uitkijken met wat je opschrijft en met wie je jouw foto's en verhaaltjes deelt. Je weet maar nooit wie het allemaal lezen.

    Je kunt jouw profielpagina zo afschermen dat alleen jouw vrienden het kunnen lezen. (Jouw ouders, juf of meester kunnen je vast goede tips geven over hoe je hier verstandig mee omgaat.)

    Maar als je goed oplet zijn sociale media vooral heel erg leuk. Wist je dat Nederlanders tot de actiefste gebruikers van sociale media van de wereld behoren?

  10. Radio-omroepen

    De AVRO, VARA, NCRV, KRO en VPRO zijn omroepen waar je vast wel eens van gehoord hebt. Ze hebben alle vijf de R van Radio in hun naam. Deze vijf omroepen bestonden al toen de televisie nog niet uitgevonden was. De eerste radio-uitzending in Nederland was in 1919. Twintig jaar later had bijna iedereen een radio in huis.

    In die tijd was Nederland verdeeld in groepen, die 'zuilen' werden genoemd. Elke zuil stemde op zijn eigen politieke partij en luisterde naar zijn eigen omroep: socialisten naar de VARA, katholieken naar de KRO en protestanten naar de NCRV of de VPRO. Het was voor katholieken in die tijd zelfs verboden om naar de VARA te luisteren. Als je dat toch deed kwam meneer pastoor op bezoek om je te waarschuwen.

    Vanaf 1970 kwam er een einde aan deze periode van 'verzuiling'. Nu luistert en kijkt iedereen gewoon naar de programma's die hij leuk of boeiend vindt, zonder zich druk te maken over de omroep die ze uitzendt.

  11. Testbeeld

    Dit kleurrijke beeld is een testbeeld. Aan het testbeeld kon je zien of je de kleuren van je tv goed had ingesteld. Je zag het vroeger vaak op het scherm als er geen programma's werden uitgezonden. Tegenwoordig zenden bijna alle televisiezenders 24 uur per dag uit en zie je het testbeeld dus bijna nooit meer.