Fort Elmina (Ghana), was het centrum van de slavenhandel van de West-Indische Compagnie. De slaven werden er gebrandmerkt en in donkere kelders opgesloten. Als er genoeg slaven waren om een schip mee te vullen, werden ze geboeid aan boord gebracht en in het ruim van het schip gepropt. Er konden ongeveer 300 slaven in een schip. Dan begon een vreselijke reis over zee naar Curaçao. Daar werden ze op de markt verkocht.